young people

Sadik Harchaoui en Eelke Blokker (Instituut voor Publieke Waarden) pleiten in het Parool voor een financieel breekijzer tegen (jeugd-) werkeloosheid.

 

“Samen tegen de grote werkloosheid”

Parool – Opinie, 12 maart 2014

Een rapport van het Sociaal Cultureel Planbureau vestigt de aandacht opnieuw op de hardnekkige werkloosheid onder migranten, zeker onder jongeren. Ouderwetse middelen om die te bestrijden helpen niet, schrijven Sadik Harchaoui en Eelke Blokker. Overheid, markt en samenleving moeten samenwerken.

 

Om de belangrijkste sociale problemen in Amsterdam aan te pakken, kunnen we niet meer toe met de instrumenten die we tot nu toe gebruikten. De stad heeft minder publieke middelen beschikbaar. Terwijl een aantal sociale problemen alleen maar groeit. Denk aan de jeugdwerkeloosheid in Amsterdam. Maar liefst 20 procent van onze jongeren (15-27 jaar) zit aan de kant. Onder migrantenjongeren loopt die nog veel hoger op, bij sommige groepen tot veertig procent.

De Amsterdamse jeugdwerkeloosheid vraagt om meer schouders eronder dan alleen die van de overheid. En om rigoureuze innovaties. De gemeente heeft veel minder re-integratiebudget beschikbaar voor het begeleiden van werklozen naar werk. We weten bovendien ook, dat de re-integratietrajecten die de gemeente ooit met veel meer geld inkocht, niet altijd even succesvol waren. Die waren te veel gebaseerd op inspanningsverplichtingen.

Er is een nieuw financieel breekijzer nodig: de ‘Social Impact Bond.’ Met behulp daarvan kunnen we voorkomen dat de overheid, met de schaarse middelen die ze nog heeft, niet-effectieve re-integratietrajecten inkoopt. Tegelijk zorgen we ervoor dat er op toereikende schaal, innovatieve oplossingen van de grond komen voor dit hardnekkige sociale probleem.

Een Social Impact Bond (SIB) is een vlijmscherp prestatiecontract dat is gebaseerd op te verwachten besparingen voor de overheid. Bijvoorbeeld besparingen op uitkeringen voor jongeren.

Die besparingen worden gerealiseerd door een innovatieve sociaal ondernemer. Meestal heeft die ondernemer al in het klein bewezen dat het werkt wat hij doet. Daarom zijn investeerders (banken en filantropen) bereid om die ondernemer risicodragend voor te financieren.  In Amsterdam kan het Amsterdams Investeringsfonds bijdragen.

Met die financiering is de ondernemer in staat om zijn innovatie op veel grotere schaal uit te voeren. Als die ondernemer de besparingen daadwerkelijk aantoonbaar realiseert, betaalt de overheid de investeerders terug. Bovendien krijgen investeerders een bonus. Hoe meer er is bespaard, hoe hoger de bonus. Als er geen besparingen zijn gerealiseerd, of minder, dan wordt er niets uitgekeerd door de overheid, of minder.

De SIB is een risicoluwe weg voor de overheid om innovatieve oplossingen voor ongetemde en nijpende maatschappelijke problemen, zoals jeugdwerkloosheid in Amsterdam, te bestrijden. Om SIB’s maximaal te laten functioneren voor de Amsterdamse samenleving, is kennis nodig. Die kan alleen ontwikkeld worden door ervaring op te doen met SIB’s. Doen is immers het nieuwe denken. We zien dit terug in de social impact bond die is gesloten in de gemeente Rotterdam met de ABN AMRO en de StartFoundation.

Het ontwikkelen van Social Impact Bonds maakt samenwerking met private partijen mogelijk, zorgt ervoor dat de gemeente alleen betaalt voor behaalde resultaten en bevat goede prikkels voor sociaal ondernemers.

De bestrijding van jeugdwerkloosheid heeft een doorbraak als deze nodig. Een doorbraak die de basis zal leggen voor nog meer sociale innovaties die ongetemde maatschappelijke problemen oplossen. Zoals op het gebied van dakloosheid, recidive van ex-gedetineerden, taalachterstand bij kinderen en de aanpak van multiprobleemgezinnen.

Het is tijd voor gedeeld eigenaarschap van maatschappelijke problemen door overheid, markt én samenleving. Zeker als we de mogelijke consequenties voor kwetsbare groepen in ogenschouw nemen na de decentralisaties op het terrein van werk, jeugd en zorg.

Sadik Harchaoui is Chef de Mission van Society Impact

Eelke Blokker is oprichter van het Instituut voor Publieke Waarden